Karin (57)

'Mijn prognose was een half jaar tot een jaar. Dat ben ik voorbij en ik benut de extra tijd die ik heb gekregen optimaal.'

Karin Dijkstra tobde al een tijdje, had altijd last van een vage buikpijn. Haar gynaecologe ontdekte twee cystes in haar eierstok. De maag-, darm en leverarts vond een uitstulping in haar darm, maar daar kon ze niet zo’n last van hebben. Karin werd van het kastje naar de muur gestuurd. Maar toen haar buik almaar dikker werd, terwijl ze nauwelijks honger had, gingen de alarmbellen bij haar af. “Ik zei tegen mijn huisarts: kan het geen kanker zijn?” Helaas had Karin het bij het rechte eind.

“Ik was zo moe, lusteloos en had het ’s nachts warm. Ik viel enorm af en dacht: volgens mij heb ik kanker. De vervanger van mijn huisarts dacht aan een virusinfectie en zei dat ik het nog even moest aankijken. Na drie bezoeken verwees de huisarts mij door naar de internist, en zij stelde heel veel vragen.” Opvallend was dat zij naar de striae op haar buik wees en vroeg of dat oud of nieuw was. Hoewel Karin een zoetekauw is, groeide haar buik wel erg snel. Er werden foto’s gemaakt en de radioloog zag meer dan de twee eerder geconstateerde cystes. “Ik werd doorgestuurd naar de gynaecoloog en eindelijk kwam het hoge woord eruit: ik had eierstokkanker. Ik vroeg wat de prognose was: een half jaar tot een jaar.”

Karin gaat naar Groningen waar de gynaecologe in opleiding haar verzekert dat ze haar gaan genezen. “Ik dacht: he? Van een half tot een jaar nog te leven tot genezen, dat is wel een heel groot verschil.” Tijdens de operatie blijkt dat er uitzaaiingen in haar buik en lymfeklieren zijn. Ze heeft de agressieve vorm te pakken. Een tijd lang is de prognose een belangrijke houvast voor Karin; inmiddels heeft ze het losgelaten. “Ik kan de boodschap niet veranderen, maar ik kan wel kiezen hoe ik er mee omga.”

Stoma
Tijdens de operatie in Groningen wordt er zes liter vocht uit haar buik verwijderd en constateert de chirurg dat haar darmen en lymfeklieren zijn aangetast. “Ik werd na de operatie wakker met een stoma. Dat was een behoorlijke tegenvaller. En ik dacht: mijn levensprognose gaat kloppen.”

In januari 2018 wordt gestart met de chemokuur. “Ik voelde me daardoor veel slechter dan voor de operatie. Ik knapte maar niet op en de eerste chemokuur sloeg niet aan. De tumormarker werd hoger in plaats van lager. Bovendien had ik een allergische reactie van de chemo en kreeg het heel benauwd.” Maar na de derde chemokuur voelde Karin zich al een stuk beter en knapte echt op. “Bij de meeste patiënten is dit precies andersom en wordt elke chemo zwaarder. Na zes chemokuren wilde de internist een zevende doen. Omdat ik daarover mijn twijfels had, ging ik voor een second opinion naar het AVL en zij zeiden dat ik het moest doen omdat de eerste chemokuur niet aansloeg en ik er dus in feite een te weinig had.”

Extra tijd
Nadat de eerste vijf maanden van de prognose waren verstreken en Karin er nog steeds was, moest ze zichzelf resetten. “Ik dacht he? Hoe kan dat nou? Ik had toch niet meer zolang? Ik viel in een gat en dacht: oké, als ik extra tijd krijg, dan moet ik die benutten.” Werken als projectleider in de ICT ging niet meer, maar Karin stelde zichzelf doelen. Ging sporten, meldde zich als vrijwilliger aan bij stichting Olijf en durft vakanties in juni en september te plannen. “Ik ben bewuster gaan leven en heb een fijn leven, want een bucketlist heb ik niet. Ik verveel me geen moment.”

Cannabis als medicijn
Zo verdiepte ze zich bijvoorbeeld in het gebruik van cannabis als medicijn. “Volgens onderzoek verbetert het je kwaliteit van leven, krijg je er honger van waardoor je goed eet, je slaapt er goed van en het helpt tegen pijn. Kortom: je voelt je je veel beter door.” Omdat nog niet getest is wat cannabis kan betekenen voor vrouwen met eierstokkanker, laat Karin de olie links liggen. “Want bij sommige kankersoorten bevordert cannabis de groei van de tumor.”

Het gaat goed met Karin en voorzichtig durft ze naar 2020 te kijken. “Ik weet dat ik uiteindelijk overlijd, maar kan me dat op dit moment niet voorstellen. Ik voel me best goed en bruis van de energie.”

Karin vertelde haar verhaal in mei 2019. Er kunnen veranderingen in haar gezondheid zijn opgetreden.

Karin was ook één van de gezichten van de 11 stedenzwemtocht die Maarten van der Weijden in juni 2019 heeft gezwommen. Hij zwom onder andere voor onderzoek naar HIPEC bij eierstokkanker. Lees het verslag van Karin >>