Deel via

Loes (63) is vrijwilliger bij Olijf. In deze rol ondersteunt ze kankerpatiënten en hun naasten. Veertien jaar geleden kreeg ze zelf kanker. Hoe sloeg ze zich daar doorheen? Ondervindt ze nog gevolgen van de ziekte? En wat heeft het haar opgeleverd? Olijf blikt samen met Loes terug en is benieuwd hoe het nu met haar gaat.

Loes 1500x500 px

Als Loes in 2006 langdurig last heeft van bloedverlies, gaan er niet meteen alarmbellen rinkelen. Ze is dan nog net geen vijftig jaar oud. Het zal wel te maken hebben met de overgang, vermoedt haar huisarts. Omdat het bloedverlies soms weken aanhoudt, besluit zij om de anticonceptiepil voor te schrijven. Als een paar maanden de pil slikken niet het gewenste effect heeft, bezoekt Loes haar huisarts opnieuw. Die vertrouwt de situatie niet en regelt een doorverwijzing naar het ziekenhuis, waar een buikecho wordt gemaakt.

Helaas geeft de echo geen inzicht in de oorzaak van de klachten. De grote hoeveelheid bloed in de buik bemoeilijkt de beeldvorming. Een ziekenhuisopname en een kijkoperatie volgen. Na die operatie komt de behandelend arts met slecht nieuws: er is iets verdachts gezien en waarschijnlijk is het kwaadaardig. En dat vermoeden wordt bewaarheid: op haar vijftigste verjaardag hoort Loes dat ze baarmoederkanker heeft.

Een goede voorbereiding
Loes legt uit: “Toen uit de kijkoperatie bleek dat er mogelijk iets kwaadaardigs zat, heb ik de folder over baarmoederkanker van KWF Kankerbestrijding gelezen. Daardoor wist ik hoe het vervolgtraject er, afhankelijk van de uitslag, uit zou zien. Dat gaf me rust en maakte de situatie beheersbaar. Op die manier kon ik me voorbereiden op wat komen ging.” Als de arts haar korte tijd later vertelt dat het kanker is maar de ziekte zich in stadium 1 bevindt, haalt ze dan ook opgelucht adem. Ze weet dat haar een tweede, zwaardere, operatie te wachten staat. Verdere behandeling is echter niet nodig.

Tijdens de tweede operatie worden Loes’ baarmoeder en eierstokken verwijderd. Daardoor komt ze abrupt in de overgang, met alle gevolgen van dien. In het ziekenhuisbed dient de eerste opvlieger zich al aan. “Ik dacht dat ik koorts had. Maar nee hoor, ik ondervond meteen de gevolgen van de plotselinge overgang.” Ook krijgt ze vrij snel last van artrose, eveneens een gevolg van de versnelde overgang.

Reacties
Gelukkig voelt Loes zich tijdens haar ziekte bijgestaan door haar omgeving. Haar vrouw Carla, met wie ze al 41 jaar samen is, steunt haar door dik en dun. Ook naaste familie en vrienden zijn er voor haar. Toch krijgt ze die support niet van iedereen. De buitenwereld vindt dat ze vooral blij moet zijn. “Had ik niet enorm veel geluk dat de ziekte in een vroeg stadium was ontdekt en ik er met een operatie vanaf kwam? Toch was ik niet onverdeeld gelukkig. Ik had te horen gekregen dat ik kanker had. Dat had een behoorlijke impact, nog los van het behandeltraject dat daarop volgde. Qua uiterlijk was ik bovendien niet veranderd. Omdat ik niet kaal was geworden door nare chemokuren, zag je niet aan mij dat ik ziek was. Als je chemo krijgt, dán ben je pas zielig, zo leken mensen soms te denken. Ik voelde me echt onbegrepen.”

Te midden van andere kankerpatiënten vindt Loes het moeilijk dat haar behandeltraject relatief kort was. “Als ik me tussen lotgenoten begeef, voel ik me soms schuldig dat mij chemo’s en bestralingen bespaard zijn gebleven, en dat ik een gunstige prognose had. Waarom moeten zij die ellende ondergaan, met onzekerheid kampen en ik niet?”

Een pijnlijke herinnering
De kanker confronteert Loes onverwacht met een andere verdrietige periode in haar leven. “Tussen mijn 33e en mijn 38e hebben Carla en ik geprobeerd een kindje te krijgen. Het was onze wens dat ik via kunstmatige inseminatie zwanger zou worden. We hebben maar liefst achttien pogingen ondernomen. Helaas kwam het niet tot een zwangerschap. Destijds had ik het gevoel dat mijn lijf het liet afweten. Toen ik kanker kreeg, kwamen die gevoelens weer boven. Mijn baarmoeder liet me voor de tweede keer in de steek. Dat vond ik erg confronterend.”

Om haar zorgen en verdriet een plek te geven, trekt Loes de natuur in. Niet ver van haar woonplaats Nijmegen liggen de Hatertse Vennen, een prachtig gebied. “Bij een van de vennen ontdekte ik een bankje. Het lukte me daar om mijn hoofd leeg te maken en tegelijkertijd te genieten van al het moois. Ik heb het mijn ‘mijmerplekje’ genoemd. Nog steeds kom ik er graag.”

Lange termijn effecten
De periode na de zware operatie ervoer Loes als onzeker. “Ik moest afwachten of de kanker echt weg was. In eerste instantie ging ik elke drie maanden op controle. Dat voelde heel veilig. Toen dit na een paar jaar halfjaarlijks werd, moest ik daar erg aan wennen. Een half jaar wachten duurde telkens zó lang. Ik leerde toch vertrouwen te krijgen in de situatie. Na een tijd werden de controles jaarlijks en nu zijn ze gestopt. Ik ben genezen verklaard. Een heerlijk gevoel.”

Ondanks dat Loes geen lange termijn effecten als gevolg van nabehandelingen ondervindt, heeft de ziekte indirect levenslang zijn sporen nagelaten. “Door het verwijderen van de baarmoeder zijn mijn darmen zich door de jaren heen gaan innestelen in mijn buik. Ze werkten steeds slechter, waardoor ik veel ongemak ben gaan ervaren. In 2013 kreeg ik daarom een dikke darmstoma. Het klinkt misschien gek, maar ik was er de koning te rijk mee. Elke dag ziek zijn en pijn hebben, dat was bepaald geen pretje. Eindelijk was ik daarvan verlost. Wel ben ik nu elke ochtend een uur bezig om mijn darmen te spoelen. Ik ben er echter aan gewend geraakt, het is een deel van mijn leven geworden. Wat ik vervelend vind, is dat ik door mijn darmproblemen niet meer alles kan eten wat ik wil.”

De ziekte heeft ook mentaal een permanente invloed, zo blijkt uit Loes’ verhaal. “Carla en ik zijn veel bewuster gaan leven. Nadat ik ziek werd, stelde ik mezelf de vraag: wat wil ik met mijn leven? Ik heb diverse opleidingen gedaan en uiteindelijk ook een andere baan gezocht, iets heel anders dan wat ik voorheen deed. De kanker heeft me geleerd te kijken naar wat er echt toe doet. Ik wil me blijven ontwikkelen. Zo start ik binnenkort een opleiding tot coach. Mijn levenservaring neem ik daarin ongetwijfeld mee.”

Positieve gedachten
Over een antwoord op de vraag wat ze wil meegeven aan lotgenoten, hoeft Loes niet lang na te denken. “Van mijn moeder heb ik geleerd om dagelijks voor het slapen gaan terug te denken aan de voorbije dag en drie momenten voor de geest te halen die me blij maakten. Zo dwing ik mezelf om op een positieve manier naar het leven te kijken. Niet elke keer kom ik tot drie. Hoe zwart een dag ook is, er is altijd wel iemand die iets liefs heeft gezegd of een arm om me heen heeft geslagen. Ik ervaar geluk en positiviteit in kleine dingen. Daar houd ik me aan vast, ook als het wat minder gaat.” Loes ervaart dat deze manier van denken ook helpt om minder te piekeren en sneller in slaap te vallen. “Geniet van elke dag! Als je hoort dat je kanker hebt, staat je leven in no time op z’n kop. Alleen al de gedachte dat je de ziekte misschien niet overleeft, maakt elke dag de moeite waard om dankbaar te zijn en alles uit het leven te halen.”

Loes vertelde haar verhaal voor Olijfblad 1-2021, april 2021. Intussen kunnen er veranderingen in haar gezondheid zijn opgetreden.



Deel via

Lees verder...

  1. 30 augustus 2021 Maaike (43) ‘Vertrouwen moet groeien’
    Lees verder
  2. 5 januari 2021 Wil (71): 'We bereidden ons erop voor dat het snel kon gaan, maar het gaat nog goed’
    Lees verder
  3. 23 november 2020 Astrid (59): ‘Dat mijn kinderen kans hadden op kanker, vond ik het ergste’
    Lees verder