Esther (28)

‘Ik schoot in de overlevingsstand: voor mezelf maar ook voor de baby in mijn buik’

Dolgelukkig met een dochter van drie uit een eerdere relatie, verlangde Esther (28) naar een kindje met haar huidige vriend. Toen een snelle zwangerschap uitbleef, terwijl ze van haar eerste dochter vlot in verwachting was, bezocht ze de huisarts. “Er werd me gezegd dat mijn overgewicht waarschijnlijk de reden van het uitblijven van een zwangerschap zou zijn, maar dat leek me sterk.” Ook dat ze misschien wel te veel eitjes aan maakte, vond ze niet heel aannemelijk. Toen Esther na het vrijen bloed verloor, besloot ze weer naar de huisarts te gaan. Ze bleek zwanger te zijn, maar had ook baarmoederhalskanker. “Ik schoot ogenblikkelijk in de overlevingsstand. Zowel voor mijn baby als voor mezelf.” 


Over vrouwen onder de dertig jaar die zwanger zijn en baarmoederhalskanker hebben, lees je nauwelijks iets, weet Esther. “Ik had geen idee. Toen ik met mijn zorgen over het bloedverlies naar de huisarts ging, werd er een uitstrijkje gemaakt. De uitslag was PAP 3A2 en ik werd doorverwezen naar de gynaecoloog.” Twee dagen na de uitslag, verliest Esther opeens veel bloed en stolsels. Ze bezoekt de huisartsenpost en de dienstdoende arts is niet heel erg onder de indruk. Ze krijgt een recept voor een medicijn om het bloeden te stoppen en het advies om de volgende dag naar de huisarts te gaan als ze het niet vertrouwt.

Was het een baby?

“Mijn gevoel zei dat het niet in orde was en mijn huisarts stelde voor een zwangerschapstest te doen, omdat het leek op een miskraam.” Op de echo die bij de gynaecoloog werd gemaakt, was een vruchtje te zien. Was het een baby? Of iets dat nog was achtergebleven? Toen Esther het hartje zag kloppen, was ze zo gelukkig. Het vervolguitstrijkje werd vijf weken later gemaakt. Haar moeder ging mee en toen de gynaecoloog haar riep, zag Esther al aan haar gezicht dat er iets was. Als haar wordt verteld dat ze kanker heeft, dringt dat niet tot haar door. Ze wordt doorverwezen naar een oncologische gynaecoloog in het Erasmus MC. Middels een MRI-scan wordt een tumor van 3,8 centimeter gevonden. “De gynaecologe vertelde dat mijn baarmoeder en dus het ongeboren kindje operatief verwijderd moesten worden. Er was een optie, maar daar stond de arts niet achter.”

Wil je dood?
Toch koos Esther voor de optie opereren om te kijken of er uitzaaiingen in haar lymfeklieren waren. “Ik dacht: wat er ook gebeurt, ik wil dat mijn kindje blijft zitten.” De gynaecoloog werpt tegen dat, als ze daarvoor kiest, dat haar dochter van bijna drie jaar zonder moeder opgroeit. Daarvan moet Esther behoorlijk slikken, maar ze houdt voet bij stuk. “De gynaecoloog zei: ‘wil jij dood?’ en dat raakte me, maar ik wilde mijn dochter in mijn buik ook niet kwijt. Bovendien zei mijn gevoel mij dat ik bij mijn besluit moest blijven.”

En het was een juiste, weet Esther nu. Haar lymfeklieren zijn schoon en er wordt met een kuur van vijf chemo’s gestart. Haar haar valt uit, wat ze vreselijk vindt en haar kale koppie bedekt ze met een pruik en sjaaltjes. De chemo slaat aan en met haar babymeisje gaat het goed. Na zesendertigweken en vijf dagen wordt ze gehaald. “Eerst had ik een keizersnede, daarna werd ik onder narcose gebracht en werd mijn baarmoeder verwijderd. Ik was zo blij dat dat tijdens één operatie kon.” Na een verblijf van vijf dagen verlaten moeder en dochter het ziekenhuis.

Voel me soms zo rot
Dat is nu een half jaar geleden en inmiddels begint langzaam door te dringen wat haar allemaal is overkomen. “Ik voel me soms rot maar gelukkig groeit mijn haar weer en dat vind ik fijn, ik wil zo graag mijn lange, dikke haar terug. Dat klinkt misschien gek, maar voor mij is dat belangrijk.” Ze is optimistisch over de toekomst: met haar babymeisje gaat het goed en waarschijnlijk heeft zij niets overgehouden van de chemokuur. Via Facebook heeft Esther contact met lotgenoten. “Toen ik op internet zocht naar informatie vond ik nauwelijks iets. Dat is de reden waarom ik mijn verhaal wil vertellen. Om te laten zien dat het ook goed kan aflopen. Ik leef met de dag en word om de drie maanden gecontroleerd wat ik fijn maar ook elke keer weer spannend vind. En ik geniet zo van mijn meisjes, ben zo blij dat het goed is afgelopen.”

Esther vertelde haar verhaal in juni 2019. Er kunnen veranderingen in haar gezondheid zijn opgetreden.